NVvN

Tumoren van ruggenmerg en wervelkolom

Download als PDF

Inleiding

Het betreft hier tumoren (gezwellen) die kunnen uitgaan van de ruggenwervels, het ruggenmergsvlies, de zenuwwortels of van het ruggenmerg zelf. De volgende vier categorieën kunnen worden onderscheiden:

De tumoren die uitgaan van ruggenmergsvlies en van zenuwwortels vormen de zogenaamde extrinsieke ruggenmergtumoren, waarbij het gezwel buiten het ruggenmerg ligt. De extrinsieke ruggenmergtumoren komen ongeveer 8 keer zoveel voor als de intrinsieke gezwellen. 

Anatomie van wervel en ruggenmerg. De durale zak (eigenlijk koker) is opengeknipt zodat de achterkant van het ruggenmerg is te zien met de uittredende wortels en de zijdelingse bindweefselbandjes die het ruggenmerg aan de zijkant vasthouden. Op elk niveau treden links en rechts een voor- en een achterwortel uit het ruggenmerg, die zich een eindje verderop verenigen tot de gehele wortel. De voorwortel treedt schuin voor uit en bevat motorische zenuwvezels, de achterwortel treedt schuin achter uit en bevat gevoelsvezels. Op de tekening is de linker achterwortel doorgesneden om de voorwortel duidelijker te laten zien. De ruimte tussen ruggenmerg en durale zak is normaal gevuld met liquor. Midden op de doorsnede van het ruggenmerg is de doorsnede van het centrale kanaal te zien, dat te vergelijken is met de kamers in de grote hersenen.
Links zijn sterke vergrotingen van gebieden in het ruggenmerg. M is een vergroting van het middengebied, dat vooral zenuwcellen bevat naast gliacellen; hier ziet men een gliacel, in dit geval een stercel (astrocyt) met zijn uitlopers een capillair bloedvat omarmen. R is een vergroting van een randgebied dat vooral de zenuwvezels van de lange zenuwbanen bevat, naast een enkele gliacel, in dit geval een oligodendrocyt. C is een vergroting van de wand van het centrale kanaal dat bekleed wordt door ependymcellen die gekenmerkt worden door het bezit van vermicelliachtige zweepdraden.

Schematische voorstelling van ruggenmergtumoren. Voor het overzicht is er maar een wervel getekend met in het wervelkanaal de dura met ruggenmerg en tumor. Om tumoren binnen de dura te laten zien is de dura overlangs geopend. Links: extradurale (d.w.z. buiten de dura gelegen) manchet van tumor, die bijna altijd een uitbreiding is van een wervelmetastase, dat is een uitzaaiing in de wervel van een elders gelegen tumor (zoals van prostaat, borst, maag of long). Midden: intradurale maar extramedullaire tumor, d.w.z. binnen de dura maar buiten het ruggenmerg gelegen tumor, meestal een meningeoom of een neurinoom (ook extrinsieke ruggenmergstumor genoemd). Rechts: (intradurale) intramedullaire tumor, een tumor die binnen het ruggenmerg (dus uiteraard binnen de dura) is gelegen (ook intrinsieke ruggenmergstumor genoemd). Hierdoor is het ruggenmerg gezwollen; de tumor is gewoonlijk een van de glioomtypen (astrocytoom of ependymoom).

Anatomie van het ruggenmerg

Het ruggenmerg is opgebouwd uit:

Het ruggenmerg is door middel van zijdelingse bindweefselbandjes als het ware opgehangen in een omhulsel van hersenvlies (of beter: ruggenmergvlies [dit ruggenmergvlies is een voortzetting van het rondom de hersenen gelegen hersenvlies]). Net zoals de hersenen is ook het ruggenmerg omgeven door een ruime hoeveelheid vocht, dit staat ook met elkaar in verbinding. Dit vocht wordt op zijn plaats gehouden door een omhulsel van het harde hersenvlies (de dura mater, wat het buitenste hersenvlies is). Doordat het ruggenmerg is opgehangen in deze zak met vocht, is het beter bestand tegen schokken en stoten. Bovendien speelt het vocht een rol bij het transport van voedingsstoffen naar het ruggenmerg, en bij de afvoer van afvalstoffen (zie Figuur).

De tumoren van de wervelkolom en het ruggenmerg

Zoals al gezegd zijn er verschillende soorten ruggenmergtumoren. Om wat voor een soort tumor het in elk specifieke geval gaat kan alleen worden bepaald door tumorweefsel te verwijderen en onder de microscoop te onderzoeken. Dat is alleen mogelijk als er door middel van een operatie tumorweefsel is verwijderd. In veel gevallen kan echter met b.v. MRI al wel een vermoeden bestaan van het soort tumor waar het om gaat. Wanneer een uitzaaiing in het spel is is mogelijk al de z.g. primaire tumor bekend. De belangrijkste tumoren zijn: